Soms begint een verhuiswens niet met een groot besluit, maar met een (klein) gemis. In dit geval: een tuin. Vanuit hun woning in het Ebbingekwartier groeide langzaam het gevoel dat het huis wat klein werd en dat de stad steeds drukker werd. De buurt was leuk, de buren waren fijn, maar het voelde minder gemoedelijk dan voorheen.
Ze keken daarom eerst gewoon verder in Groningen. Er werd zelfs geboden op een huis. Tot er €90.000 werd overboden. “Misschien is nieuwbouw toch wel handig,” was de conclusie. Maar waar vind je in de stad een nieuwbouwhuis met ruimte én een tuin?
En toen kwam Meerstad in beeld.
Niet als een langgekoesterde droom. Sterker nog: Meerstad was eigenlijk nooit een serieuze optie geweest. Tien jaar geleden voelde het voor Ineke en Henk als een heel andere wereld. Maar door hun dochter en schoonzoon, die ook in Meerstad een nieuwbouwhuis kochten, kwamen ze er toch eens kijken. Eerst een keer fietsen. Nog een keer rondkijken. En langzaam veranderde “daar gaan wij echt niet wonen” in “hé, leuk hier.”
“Op een zomermiddag fietsten we vanuit de stad naar Meerstad. We gingen iets drinken bij het StrandHuis en het voelde een beetje als vakantie. Het was ontspannen, ruim en groen. Het zaadje was geplant”, aldus Ineke.
Een huis dat ineens wél kon
Via een nieuwbouwproject kwam vervolgens een huis voorbij dat binnen hun budget paste. Eerst waren ze nog voorzichtig. Maar toen er onverwacht een woning beschikbaar kwam, grepen ze hun kans. Een mailtje, een telefoontje en ineens was er het bericht: gefeliciteerd, jullie zijn ingeloot. Zo werd een idee werkelijkheid.
“We hadden eigenlijk nooit verwacht dat we de stad uit zouden gaan.”
De overstap van stad naar nieuwbouw bleek bovendien niet helemaal nieuw voor Ineke en Henk. Ze hadden al eerder een nieuwbouwhuis gekocht en wisten dus dat een bouwproces bestaat uit heel veel keuzes: waar komt een lichtpunt, hoe moet de keuken worden, welke materialen kies je en wat ontdek je pas als je er daadwerkelijk woont?
Deze keer waren ze wel veel dichter bij het proces betrokken. Dat betekende soms: kritisch kijken, aanpassen en opnieuw overleggen. Maar juist daardoor konden ze hun huis steeds meer eigen maken.
“Het is echt een dorp”
Wat misschien nog het meest verraste, was niet het huis, maar de sfeer in Meerstad.
In de stad waren ze gewend aan drukte, verkeer en veel reuring. In Meerstad merkten ze al snel hoe anders het dagelijks leven voelt. Bij een zebrapad stoppen auto’s ruim voordat je bent overgestoken. Mensen maken een praatje. De straten voelen ruim. En waar ze eerst dachten dat Meerstad vooral een wijk van Groningen was, ontdekten ze: het is echt een dorp!
Dat dorpse karakter zit volgens hen niet alleen in de ruimte, het water en het groen, maar ook in de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Nieuwe buren zijn allemaal met hun tuinen bezig, lenen spullen van elkaar en helpen elkaar als dat nodig is. Geen verplicht gemeenschapsleven, maar wel een vanzelfsprekende bereidheid om iets voor elkaar te doen.
En dat past goed bij hen. Ze zijn niet verhuisd voor een leven waarin iedereen elke dag samen de tuin onderhoudt, maar vinden het juist prettig dat er een soort vanzelfsprekende betrokkenheid is.
Van reuring naar rust
Is alles dan beter buiten de stad? Nee. En juist dat maakt hun verhaal zo herkenbaar. “Wat we wel moeten missen, is de spontaniteit van de stad. Even een winkel binnenlopen, ergens een terrasje pakken, spontaan een wijntje drinken of naar de bioscoop: in Meerstad moet je daar iets meer voor plannen. Een vergeten boodschap haal je niet zomaar lopend om de hoek”, vertelt Henk.
Voor de één is dat een groter gemis dan voor de ander. Ineke werkt overdag nog in de stad en krijgt daar haar portie reuring al mee. Thuiskomen betekent dan juist: de drukte uit fietsen en de rust in. Heerlijk!
Tegelijkertijd zien ze dat Meerstad volop in ontwikkeling is. Er zijn steeds meer activiteiten en initiatieven. Het StrandHuis organiseert evenementen, er zijn activiteiten voor kinderen en bewoners nemen zelf initiatieven om de buurt levendig te maken. Ineke: “Een mooi voorbeeld: een buurtbewoner die op vrijdagavond zelf pizza’s bakt voor de buurt. Het zijn precies dat soort kleine initiatieven die volgens mij bijdragen aan het gevoel dat mensen samen iets van Meerstad willen maken.”
“Ik geniet van mijn tuin”
Als je vraagt naar het moment waarop ze denken daarom zijn we hier gaan wonen, komt het antwoord eigenlijk heel eenvoudig.
De tuin.
De ruimte.
Het huis.
Elke ochtend beneden komen en denken: heerlijk!
De tuin is inmiddels zo ingericht dat er alle ruimte is om gezellig te eten, borrelen en spelletjes te doen met familie en vrienden. Een beeld dat mooi past bij de reden waarom ze ooit begonnen te zoeken naar een andere plek: meer ruimte om te leven.
En hun favoriete plek in Meerstad? Dat blijkt uiteindelijk gewoon hun eigen huis te zijn. Ze zijn erg blij met hoe het geworden is en vooral met de ruimte die ze nu hebben. Maar ook het StrandHuis, het water en het bos achter de woning zijn inmiddels vaste favoriete plekken geworden.
Een gok? Of gewoon de juiste keuze?
Achteraf is het makkelijk om te zeggen dat de stap naar Meerstad logisch was. Maar dat was het voor hen helemaal niet. Ze wilden aanvankelijk helemaal niet naar Meerstad. Ze hadden zelfs het idee: we doen het gewoon. En als het niet bevalt, kunnen we altijd terug.
Die terugweg hebben ze voorlopig niet nodig. Want wat begon met het missen van een tuin, eindigde in een huis waar ze nu iedere ochtend blij van worden, een buurt die gemoedelijk voelt en een plek die steeds meer als thuis voelt. En misschien is dat wel het mooiste aan hun verhaal. Soms hoef je niet al jaren te weten waar je wilt wonen. Soms ontdek je het pas wanneer je er een keer naartoe fietst, rondkijkt en denkt:
“Hé… leuk hier.”
Meerstad was nooit het plan.
Maar het werd wel hun plek.